Thoraxwandaandoeningen
Het TEC ‘Thoraxwandaandoeningen’ is hèt regionale expertisecentrum voor zeldzame aangeboren en verworven aandoeningen van de thoraxwand. Voorbeelden hiervan zijn pectus excavatum (trechterborst) en -carinatum (kippenborst), rib- en sternumletsels en post-traumatische aandoeningen zoals niet-genezende fracturen.
Patiënten worden vanuit binnen- en buitenland verwezen naar onze unieke, multidisciplinair opgezette thoraxwandpoli. Voor patiënten jonger dan 18 jaar bestaat er een speciaal zorgpad in samenwerking met de afdeling Kindergeneeskunde. Hier worden zij gescreend en geïnformeerd over het ziektebeeld en de behandelmogelijkheden.
Aangezien Zuyderland een van de grootste expertisecentra van Nederland is op dit gebied, wordt er uitgebreid wetenschappelijk onderzoek gedaan naar het verbeteren van de perioperatieve zorg van deze aandoeningen. Dit heeft geresulteerd in vele publicaties en twee volledige proefschriften. Het huidige researchteam bestaat uit vier thoraxchirurgen, een AIOS chirurgie, vijf promovendi, een researchmanager, een datamanager en vele enthousiaste (technische) geneeskundestudenten.
Momenteel worden er meerdere retrospectieve en prospectieve studies uitgevoerd, waaronder een randomized controlled trial (RCT) waarbij cryoablatie als innovatieve postoperatieve pijnstillingstechniek wordt vergeleken met de huidige standaard.
Proefschrift
Fenestrated and Branched Stent-Grafts for Treatment of Complex Aortoiliac Aneurysms
Ozan Yazar, gepromoveerd op 22 december 2023
Dit proefschrift beschrijft de resultaten van endovasculaire behandelingen voor complexe aortoiliacale aneurysmata. Diverse onderzoeken tonen het belang aan van radiologische apparatuur (hybride operatiekamer versus C-boog) tijdens deze endovasculaire behandelingen en de impact van endoprothese-configuraties (Renal FEVAR versus Complex F/BEVAR) op de resultaten van de behandeling.
Bij tachtigplussers moeten deze complexe procedures niet geweigerd worden op basis van leeftijd, maar andere factoren spelen een belangrijke rol bij de beslissing om al dan niet tot een endovasculaire behandeling over te gaan. Bovendien wordt aangetoond dat endoprothesen van verschillende fabrikanten veilig kunnen worden gecombineerd en wordt het hoge technische succes van de ‘Iliac Branch Device’ bevestigd.
Verder onderzoek naar endovasculaire oplossingen voor de behandeling van complexe aortoiliacale aneurysmata blijft van cruciaal belang, omdat een gefaalde behandeling bij deze patiënten kan leiden tot ruptuur en overlijden.


